
WSPA maakt gebruik van de beste wetenschappelijke bewijzen die beschikbaar zijn om te laten zien dat er geen humane manier bestaat om walvissen op zee te doden. Op deze gronden geloven wij dat de commerciële walvisvangst voor altijd zou moeten worden verboden.
Tot op heden is er maar weinig bekend over de manier waarop walvissen zich onder water gedragen. Het bestaande onderzoek laat echter zien dat veel soorten er complexe sociale patronen op na houden en over geavanceerde communicatiemethoden beschikken.
Hun vermogen om te leren blijkt bijvoorbeeld uit de ‘liederen’ die door een groep walvissen wordt voortgebracht en die in de loop van maanden en jaren evolueren.
In feite zijn de hersenen van sommige soorten walvissen wat complexiteit en structuur betreft vergelijkbaar met die van hogere primaten, met inbegrip van de mens.
We hebben ook ons ouderschapsinstinct gemeen. Walvissen vormen een band met hun nakomelingen – men heeft zelfs Groenlandse walvissen geobserveerd die hun jongen op hun rug droegen.
Maar, ook al valt er nog veel meer te ontdekken over hun gedrag, toch heeft het onderzoek bewezen dat walvissen waarop gejaagd wordt het slachtoffer zijn van extreme angst en pijn.

Een walvis waarop gejaagd wordt, wordt ruw opgeschrikt uit zijn rustige leven.
Zelfs als zogenaamd ‘moderne’ methoden worden toegepast – die overigens in 100 jaar maar weinig zijn veranderd – brengt de walvisjacht langdurig en intens lijden met zich mee.
De jacht begint vaak met een uren durende achtervolging, tot de walvis door uitputting langzamer gaat zwemmen.
Als hij eenmaal binnen schootsbereik is, vuren de jagers een explosieve harpoen af. Deze moet het lichaam van de walvis tot een diepte van 30 cm binnendringen voor hij explodeert.
De deining en de bewegingen van de boot en de walvis maken het bijna onmogelijk het dier met één schot te doden.
Zelfs als de harpoen precies raak geschoten is, zal hij zelden onmiddellijk de dood veroorzaken. In plaats daarvan veroorzaakt hij zware verwondingen en een ernstige shock. Onnauwkeurige schoten worden gevolgd door secundaire harpoenen en geweervuur.
De jagers takelen het gewonde dier aan boord. Op dat moment kan het onduidelijk zijn of de walvis dood is – ze kunnen enorme hoeveelheden zuurstof opslaan, en alle behalve de meest essentiële organen stilleggen.
De criteria die de walvisjagers gebruiken om te beoordelen of een walvis dood is worden als onvoldoende beoordeeld door de International Whaling Commission. Dat houdt in dat zelfs als ze dood zijn verklaard, de walvissen toch nog pijn kunnen lijden.
Walvisjagers beweren vaak dat een walvis binnen twee minuten overlijdt, maar WSPA heeft bewijzen dat hun doodsstrijd meer dan een uur kan duren.
Help WSPA bij het verbeteren van het welzijn van dieren over de hele wereld.